De zorg voor een kind
De eerste dagen met een pasgeboren baby word je overspoeld door emoties. Daarna begin je stilaan te beseffen dat je vanaf nu verantwoordelijk bent voor dat kleine wezentje, dat volledig afhankelijk van je is en je op elk moment nodig heeft. Het prille moederschap is niet altijd pure gelukzaligheid. De zorg voor een baby is heel intensief en dit terwijl je je nog heel moe voelt. Je kan het gevoel hebben dat je er alleen voor staat.
Vergeet hierbij niet dat ook de vader de kans moet krijgen om een relatie op te bouwen met de baby. Sommige mannen voelen zich wat uitgesloten door de intieme band tussen moeder en kind. Sommige moeders hebben het moeilijk om de dingen uit handen te geven. Maak als vader duidelijk dat je ook zorg wil dragen voor het kindje. Borstvoeding geven is niet voor mannen weggelegd, maar de papa kan wel de baby knuffelen, de luier verversen, flesvoeding geven, de baby meenemen in de draagzak of samen met de baby in bad gaan. Baby’s houden van het lichamelijk contact en de affectie. En het opbouwen van een goede relatie met de papa is goed voor de psychologische ontwikkeling van het kind. Het is normaal en waardevol voor het kind dat moeders en vaders het anders aanpakken.
Meer tips om als vader een grotere rol in het gezin op te nemen, vind je in het Vaderboekje.
Vanaf een tweede kindje moet je er rekening mee houden dat oudere kinderen jaloers kunnen zijn bij de komst van een nieuw gezinslid. Leg uit waarom je de aandacht nu moet verdelen. Geef een oudere broer of zus wat verantwoordelijksgevoel door echt de grote broer of zus te zijn. Geef het kind de ruimte om zijn frustraties onder woorden te brengen.
Kort na de geboorte, vooral tussen de derde en de vijfde dag van de bevalling, hebben drie kwart van de vrouwen last van een baby blues. In deze korte periode voelen ze zich huilerig, verward en overgevoelig.
Dat is niet hetzelfde als een postnatale depressie, die voorkomt tussen de derde en de negende maand na een bevalling. Je voelt je als moeder somber en pessimistisch, extreem moe, huilerig en prikkelbaar, je beleeft geen plezier aan je baby en je hebt het moeilijk de dagelijkse dingen te doen. Spreek hierover met de arts, de vroedvrouw of de regioverpleegkundige van Kind en Gezin. Zij kunnen je eventueel doorverwijzen. Als je je niet laat behandelen, bestaat de kans dat de problemen nog jaren aanhouden. Durf erover te praten met je partner en je omgeving. Zorg dat je voldoende hulp krijgt in de verzorging van de baby en in het huishouden.
Ben je familie van een vrouw met een postnatale depressie en kun je steun gebruiken, dan kun je terecht bij Similes (016/ 23 23 82). Ook mannen hebben een grotere kans een depressie te ontwikkelen als ze vader geworden zijn. Slapeloze nachten en de zorg voor moeder en kind eisen hun tol. Aarzel niet erover te praten met je arts.
Als je vragen hebt over het omgaan met de baby, kun je hulp vragen bij Kind en Gezin. Het is beter contact met iemand op te nemen dan zelf met twijfels te blijven zitten. De consultatiebureaus van Kind en Gezin hebben een gratis dienstverlening voor gezinnen met kinderen tot drie jaar. Een kinderarts en een verpleegkundige onderzoeken je kind en volgen zijn ontwikkeling op. Elk kind heeft recht op 10 gratis consultaties bij een consultatiebureau.
Daarnaast organiseert Kind en Gezin gezinsbezoeken door een verpleegkundige. In de kraamkliniek stelt Kind en Gezin zichzelf voor en krijg je het “ABC van baby tot kleuter”, met tal van tips voor baby’s, peuters en kleuters. Nadien krijg je minstens twee huisbezoeken van de regioverpleegkundige. Deze persoon beantwoordt je vragen over de baby en je ouderschap.
Laatst aangepast (maandag 31 mei 2010 13:09)


