De rechter die beslist over maatregelen over het ouderlijk gezag en het omgangsrecht, oordeelt in het belang van het kind.

De rechter kan een sociaal onderzoek laten uitvoeren door een justitieassistent of een maatschappelijk assistent.  Die voert een aantal gesprekken met de betrokkenen en maakt  een rapport op met de individuele, relationele en sociale gegevens van de kinderen en de ouders.  Op basis daarvan wordt een advies aan de rechter overgemaakt.

Ook het kind kan worden opgeroepen om gehoord te worden.  Als het kind jonger is dan 12 jaar, is de rechter dit niet verplicht.  Het kind kan wel zelf een brief sturen met deze vraag. Vanaf 12 jaar is de jeugdrechter verplicht het kind te horen in alle gerechtelijke zaken die hem aanbelangen.  Het kind kan zelf weigeren om hier op in te gaan.  De rechter luistert naar de mening van het kind en houdt er rekening mee in zijn beslissing. Het gesprek vindt persoonlijk plaats, niet in de rechtszaal en niet in aanwezigheid van de ouders.  Van de visie van het kind wordt geen verslag uitgebracht aan de ouders.

Laatst aangepast (vrijdag 03 juli 2009 13:28)